Villa Darwin: het uitsterven van de toxodon en het Europese ras

De volgende dag willen we naar het dorpje Las Vacas, nu deel van Vivoras y Vacas, de plek waar Darwin overnachtte in het huis van een Noord-Amerikaan voor hij naar Punta Gorda ging. In Carmelo, een mooie koloniaal plaatsje met veel goed verzorgde koloniale huizen, vragen we de weg. Het is, zo legt de man van het benzinestation ons uit, het is muy complicado daar te komen. Maar hij doet zijn uiterste best met een oneindige reeks van links afs en rechtsafs. Als hij mijn verwarde blik ziet, vraagt hij: ‘Maar wat wilt u daar eigenlijk gaan doen?’’Het plaatsje bekijken’, antwoord ik. Nu is het zijn beurt om in verwarring te raken. ‘Maar er is daar helemaal niets’. Dus beperken we ons tot een blik op de Rio de las Vacas, wetende dat Darwin aan die rivier de nacht heeft doorgebracht, een rivier die er niet anders uitziet dan de andere rivieren in Uruguay

We rijden door naar Mercedes, gelegen in een mooie groene omgeving. In 1828 woonden hier slechts 170 families, en kwamen er veel vluchtelingen uit Argentinië vanwege het bewind van de dictator Rosas, met wie Darwin ook contact heeft gehad. Het was hier dat Darwin aan twee mannen vroeg waarom ze niet werkten. De één zei in alle ernst dat de dagen te lang waren, de ander dat hij te arm was. Wanneer we bij een benzinepomp weer eens een groep mannen zien rondhangen zonder kennelijk iets te doen te hebben, vraag ik aan de pompbediende of die mannen niet werkten. Hij moet even nadenken. ‘Nee, vanwege de droogte niet’, zo vertelt hij, zichtbaar blij dat hij een verklaring heeft. Waren we in de winter gekomen, dan had hij waarschijnlijk de kou als reden gegeven. Ondanks de niet altijd even grote arbeidsmotivatie, lijkt het Mercedes economisch voor de wind te gaan. Want behalve de koloniale laagbouw in sfeervolle straten met kinderkopjes, liggen er ook prachtige luxe villas aan de brede boulevard die langs de Rio Negro loopt. De sfeer is ontspannen, met veel mensen die van de zomer genieten op de strandjes langs in de rivier.

Darwin verbleef hier op een grote estancia, waar de mensen verwonderd waren dat de aarde rond was, maar bovenal ook graag van Darwin wilden weten of hij ook vond dat de vrouwen in Buenos Aires de mooiste ter wereld waren. Door zijn bevestigende reactie, mocht hij het bed van de gastheer nemen, die zelf op een bank ging slapen.

We willen naar het plaatsje Villa Darwin, dat echter op bijna geen enkele kaart staat. Gelukkig hadden enkele kennissen aangegeven waar het ongeveer moest liggen. Met meer geluk dan wijsheid belanden we vanaf Mercedes op de juiste ruta. We steken de Arroyo (kreek) Bequelo over, waar Darwin verbleef als gast van een Engelsman. Langs de weg, in de berm, hoeden drie gauchos een kudde koeien. Na zoeken en rondvragen zien we links van de weg, op de zijmuur van een bushalte, in groene letters geschilderd: Villa Darwin. Over een onverharde weg met veel koeien en gauchos, en veel drukke, fraaie groene papagaaitjes, ligt het daar opeens voor ons, aangekondigd door een bord waarop met nauwelijks leesbare rode letters, onder een waarschuwing niet harder te rijden dan 25 km,´V. Darwin´ is aangegeven. Het woord Darwin kon niet over de hele breedte, en loopt daarom een beetje rechts omhoog

We zien een paar authentieke kleine witte huisjes met rieten daken, een politiepost, een school, en een panaderia (bakker). Er is zelfs een speeltuintje, en een voetbalclub Sacachispas. Een man met duidelijk gemuteerde benen loopt met een fles bier langs de weg.

We vragen aan een meisje voor het politiebureau of ze iets over Darwin weet. ‘ O, u wilt het monument fotograferen? Dan moet u naar de Estancia Porteña om een permiso te krijgen’. We hebben geluk: wanneer we het terrein van de estanciaoprijden, komt de eigenaar er net op een quad aanrijden. Normaliter geeft hij geen toestemming om haar het monument te gaan dat op zijn terrein ligt, zo vertelde hij later, omdat mensen dan weliswaar zeggen dat ze voor het monument komen, maar vervolgens op de herten gaan jagen. Maar ons is hij welgezind. De tocht voert eerst over een ruig terrein, een echte wildernis. We voelen de distels en andere struiken onder tegen de huurauto aan klepperen. We komen op de Perrico Flaco, de plek waar Darwin voor 18 pence van een paar jongens de schedel van de toxodon kocht, een groot uitgestorven hoefdier dat niet elders in de wereld voorkwam. Dit was een van de dieren Darwin op het idee brachten van de onafhankelijke ontwikkeling van soorten in geografisch geisoleerde gebieden. We kijken op de klif waar Darwin zoveel belangrijke geologische observaties deed en tal van fossielen vond, en kijken neer op de Rio Negro, een indrukwekkende, snel stromende watermassa door een glooiend bebost terrein zonder teken van menselijke aanwezigheid. We vinden de rivier net zo pittoresk als Darwin dat vond. Na een volgende rit staan we dan zelf op klif bij het monument, een obelisk met de letters ´Darwin´ erop, die in 1932-33 gemaakt was ter gelegenheid van het feit dat het een eeuw geleden was dat Darwin daar zijn bevindingen deed. We zien een paar schroeven zitten, waarmee de koperen plaquette met informatie over het monument ooit was bevestigd. Maar die plaquette is nu in het bezit van een mevrouw in het dorp, zo wordt ons verteld.

De eigenaar van de estancia, ing. Javier Defferrari, is erg geïnteresseerd in de evolutietheorie, en heeft veel fossielen in huis. De discussie krijgt een onverwachte wending wanneer hij vertelt hij ons dat hij zich als evolutionist zorgen maakt over het uitsterven van het Europese ras omdat mensen er zo weinig kinderen krijgen. We weten niet goed wat te zeggen, omdat we ons realiseren dat Darwin er, met zijn licht eugenetische ideeën, waarschijnlijk net zo over gedacht zou hebben …

Leave a Reply